Man van minister Kaag doet ertoe

Door LEON DE WINTER

Yasser Arafat, de hoofdman van een Levantijnse roversbende, stal gedurende zijn heerschappij over de Palestijnse Gebieden miljarden dollars ontwikkelings- en belastinggeld. Die miljarden had hij onder meer nodig om loyaliteit te kopen.

Leon de Winter

Leon de Winter

Ⓒ DE TELEGRAAF

Een jaar voor Arafats dood in 2004 was al bekend dat hij een miljard dollar onder geheim beheer hield. Berucht is zijn betrokkenheid bij het monopolie op brandstofimporten, waarvan hij de inkomsten opdreef en afroomde. De brandstof werd ook nog eens aangelengd met water, wat rampzalig was voor het functioneren van motoren. Maar het was niet alleen brandstof dat gecorrumpeerd werd. Grondstoffen als cement en meel werden onderdeel van familiemonopolies die in handen waren van Arafats getrouwen.

Behalve dat geheime miljard hield Arafat ook nog eens een miljard aan bij Israëlische banken. Dat was Palestijns belastinggeld. De Amerikaanse Midden-Oostenonderhandelaar Martin Indyk vertelde hierover: „De Israëli’s kwamen bij ons en zeiden: het is Arafats job de rommel in Gaza op te ruimen. Dat wordt moeilijk. Hij heeft ’walking around money’ nodig, want we namen aan dat hij het zou gebruiken om al die terroristen te controleren die van daaruit tientallen jaren hadden geopereerd.”

Het ging er dus om met ’walking around money’ terroristen af te kopen met medeweten van de Israëli’s en Amerikanen. Maar Arafat kocht niet af. Hij hield er zijn patronagesysteem mee op de been. En honderden miljoenen verdwenen naar de Zwitserse bank Lombard Odier in Genève.

Hij moet van corruptiecircus van Arafat geweten hebben

Twintig jaar geleden deed een Palestijnse commissie opvallend onafhankelijk onderzoek naar corruptie binnen de door Arafat beheerste Palestijnse Autoriteit (PA). De aanleiding was het volgende: in 1997 had de PA meer dan een half miljard dollar van internationale donoren en meer dan achthonderd miljoen dollar van belastingen ontvangen die Israël voor de PA had geïnd. Aan het slot van dat jaar bleek 323 miljoen te zijn ’verdwenen’, zoals een analyse van dat rapport op de site van het Middle East Media Research Institute aantoont.

In dat rapport werden namen genoemd, een unicum in de Palestijnse maatschappij. De volgende zaken kwamen onder meer naar boven in het rapport: misgebruik van overheidsgeld door de minister van Planning en Internationale Coöperatie; uitzonderlijk grote vergoedingen voor huur, salarissen, reizen bij opnieuw de minister van Planning en Internationale Coöperatie; ’niet-competatieve’ zakentransacties die tot verhoogde kosten leidden bij, alweer, het Ministerie van Planning en Internationale Coöperatie.

Er werd niets gedaan met het ontnuchterende Palestijnse rapport. Amerikanen en Europeanen bleven geld storten en de corruptie ging ongestoord door. Iedereen keek weg om ondanks alle treurige feiten de kreet ’een levensvatbaar en democratisch Palestina’ in leven te houden. Arafat kon het spelletje heel goed meespelen. Hij gaf zelf de onderminister van dat notoir corrupte Ministerie van Planning en Internationale Coöperatie opdracht de corruptie in Gaza te onderzoeken. Die onderminister maakte het zinloze rapport en werd later door Arafat benoemd tot vertegenwoordiger van de Palestijnse Autoriteit in Zwitserland, waar, niet ver van de hoofdvestiging van Banque Lombard Odier & Cie, zoveel organisaties van de Verenigde Naties zijn gevestigd met een bloedhekel aan Israël.

De leiders van Hamas zijn allemaal miljonair geworden en leven in riante villa’s in Gaza of in de Golfstaten. Hetzelfde geldt voor veel PLO-leiders, inclusief de huidige president van de PA, Mahmoud Abbas, die met zijn kinderen schatrijk is geworden. Zo gaat dat in die streken: je vult je zakken als het kan, en met een soort ’trickle-down effect’ profiteren ook de getrouwen daarvan. Iedereen weet ’t, iedereen doet ’t, en je bent gek en ontrouw aan je ’extended’ familie als je ’t niet doet.

Vorige week werd ik onder de kop ’Een minister framen als terroristenvriend’ door NRC-Handelsblad aangevallen omdat ik Sigrid Kaag, onze nieuwe minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, via haar man in verband bracht met de meedogenloos corrupte en gewelddadige Arafat, een immoreel monster. Ik mocht haar volgens die krant niet ’framen’ (zo heet dat tegenwoordig). Het stuk kreeg veel bijval.

Volgens een persbericht van de Palestijnse delegatie in Zwitserland was Kaags echtgenoot Anis al-Qaq (NRC verzweeg zijn naam) acht jaar lang die onderminister in het Palestijnse Ministerie van Planning en Internationale Coöperatie en vanaf juni 2003 ambassadeur in Zwitserland – terwijl hij alles geweten moet hebben van Arafats corruptiecircus; is het vreemd dat ik me afvraag of hij daarin hand- en spandiensten verleende?

Als al-Qaq schoon is, is hij schoon, en dan is hij gelukkig die ene uitzondering. Maar als hij vuil is, heeft het Nederlandse volk het recht dat te weten, ongeacht het geklaag van NRC-Handelsblad dat de man van Sigrid Kaag er niet toe doet.

Ik vind dat hij er wel toe doet. Wat zouden we ervan vinden als de minister van Justitie getrouwd was met een lid van een criminele organisatie? Via de VN, de EU of direct, gaat Sigrid Kaag als minister van Ontwikkelingssamenwerking miljoenen Nederlands belastinggeld overmaken naar de Palestijnse Autoriteit, waarmee haar man, tegenwoordig als activist en NGO-consultant, intense banden heeft. Dat zij dat doet, lijkt me – laat ik het voorzichtig zeggen – nogal ongemakkelijk.

Bron: http://www.telegraaf.nl

Brandstof voor oneindige wraak

Zonder grote aantallen jongemannen valt er geen oorlog te voeren. In Europa hebben we geen gezinnen meer met vier, vijf jongemannen, van wie er tenminste eentje kan sneuvelen. Dat wil niet zeggen dat jongemannen hun agressie hebben verloren; geef hun een doel (zoals eer) en ze gaan elkaar op straat of in een stadion te lijf.

Leon de Winter

Leon de Winter
Foto: Johannes Dalhuijsen

In 1950 had Syrië 3,5 miljoen inwoners; in 2011, toen de opstanden tegen president Assad en zijn clans losbraken, waren dat er 22 miljoen. Tot in de jaren tachtig van de vorige eeuw kreeg de gemiddelde Syrische vrouw zeven kinderen. Dat was al sinds mensenheugenis zo. Maar door verbeterde hygiëne daalde de zuigelingen- en kindersterfte, terwijl het aantal geboortes constant bleef. Het aantal geboortes per vrouw begon pas vanaf 1995 serieus te dalen, en bevindt zich nu iets boven drie kinderen per vrouw.

De opstandelingen van 2011 waren de zonen van een gigantische bevolkingsexplosie. Zo’n bevolkingsexplosie vond in alle Arabische werelden plaats. Het betrof in alle gevallen religieus-conservatieve samenlevingen waarin kindersterfte tot de feiten van alledag behoorden en het onzekere bestaan door een volstrekt onkenbare god werd bestierd die elke dag tientallen keren werd aangeroepen met het fatalistische „insjallah”, als god het wil. God wilde kinderen, maar geen vrije burgerlijke samenleving.

En het is ook nog maar de vraag of de meerderheid van de Arabieren zoveel vrijheid als in het westen kon verdragen. Er zijn niet zo gek veel verkiezingen gehouden naar westers model, dus vrij en controleerbaar, maar die in Egypte en in Gaza springen in het oog: in beide gevallen werd de voorkeur gegeven aan islamitisch-fascistische partijen, en in beide gevallen maakten Egyptenaren en Gazanen duidelijk wat ze wilden, en dat was een uiterst conservatieve samenleving rondom de sjaria.

Gaza is onder leiding van de islamofascisten van Hamas continu in staat van oorlog met Israël, en in Egypte heeft een militaire coup een einde gemaakt aan de islamofascisten van de Moslimbroeders. In beide gevallen samenlevingen zonder moderne burgerlijke vrijheden, volstrekt gecorrumpeerd, op een rijke bovenlaag na straatarm, doordrongen van achterhaalde islamitische waarden en normen, vol miljoenen verongelijkte jongemannen die verstoken zijn van geld, seks, sensatie. Geef hun een wapen, een vaandel en een vijand, en ze vechten zich dood.

De Syrische burgeroorlog komt niet uit de lucht vallen, net zo min als Al Qaeda en IS. De essentie van die fenomenen is de martelende frustratie van een fatale lijst met niet-gerealiseerde ambities van een grote beschaving, een lijst die sinds de zeventiende eeuw aan het groeien is en eindeloos lang is geworden. Zelfs de huidige Syrische staat was een westerse uitvinding, de suprematie van de westerse culturen en mogendheden onderstrepend.

Syrië heeft nooit anders dan als tirannie kunnen existeren omdat de burgerzin nooit belangrijker kon worden dan de zin voor de eigen sektarische of religieuze groep. Gelijkheid voor de wet was in de tribale werkelijkheid een papieren frase. Daarbij kwam ook nog dat de heersende stammen tot een vervolgde minderheid behoorden die zich niet het verlies van de staatsmacht konden veroorloven; het alternatief was de eigen ondergang. De Assads doodden hun tegenstanders voordat ze zelf, en hun clans, door die tegenstanders werden gedood. Je kunt als Arabische tiran alleen overleven met een gezonde dosis paranoia.

Syrië bestaat niet meer, ook niet als vehikel voor een tirannieke coalitie van verschillende sektes en stammen. Steden liggen in puin, de infrastructuur is verwoest, en de menselijke ellende is onbeschrijflijk.

In dat vacuüm sloeg IS toe. De geloofsfreaks lieten de wereld zien hoe de reëel bestaande islam oogde, en dat was shockerend: de sjariastaat is de toegepaste vorm van religieuze collectieve psychosen die op de ruïnes van het Ottomaanse Rijk, en vervolgens die van de Arabische tirannieën, zijn opgebloeid.

Alles hangt met alles samen in die werelden: de traditie van de islam, die de heerschappij van één uitverkoren man oplegt (en daarmee de basis legt voor autoritaire samenlevingen), de familieclan, educatie, seksualiteit, corruptie, machismo – in die jungle van sociale en religieuze regels en gedragsvoorschriften, die elk individu internaliseert, is het zo goed als onmogelijk om uitzicht te krijgen op een leven zonder gebrek, angst, onderdrukking; alleen de naaste is te vertrouwen, de broer, oom, neef, alle anderen vormen de vijand.

De strijd die in Syrië woedt, lijkt in de media met name een strijd tegen IS te zijn, maar dat is onvolledig. De zwaarste strijd – door het regiem, Iran en Rusland – is die tegen alle mogelijke soennitische sekten en familieclans die Damascus bedreigen.

Wraakneming hebben we in onze westerse wereld getaboeïseerd (maar blijft als menselijke kracht in films en romans ongeschonden overeind), maar elders is wraak een diepe persoonlijke en culturele drijfveer. Een half miljoen doden is de brandstof voor oneindige wraak; geen vredesbestand kan aan die behoefte een einde maken.

IS zal binnenkort van de aardbodem worden weggevaagd, maar zolang het land niet wordt opgedeeld, zal Syrië blijven bloeden onder wraak en tegenwraak.

Bron: http://www.telegraaf.nl

Demoniseermachine draait op volle toeren

In Charlottesville zagen we het bonte circus van politieke en rassenideologen – van blank tot zwart, van links tot rechts, allen met een heilige rechtvaardiging van hun weerzin – die de funderingen van Amerika willen ondermijnen. De oorsprong van het drama lag bij Amerikaanse nazi’s, fascisten, racisten, groepen verdwaasden die in aantallen geen enkele rol spelen maar driftig op zoek waren naar een incident. Ze hadden een demonstratie belegd als protest tegen het verwijderen van een standbeeld van een generaal van de zuidelijke staten ten tijde van de Burgeroorlog.

 

Leon de Winter

Leon de Winter
Foto: Johannes Dalhuijsen

De media concentreerden zich op deze haters, maar aan de andere kant, door de media onderbelicht, stonden ook haters: de ’antifa’s’. Dit zijn geweld-verheerlijkende antifascisten die hun eigen vormen van ideologische waanzin ontlenen aan het revolutionaire marxisme; deze linkse kolderkoppen hebben zich van de Amerikaanse studentensteden meester gemaakt (we herinneren ons hun Hamburgse kameraden).

Ze sloegen op elkaar in met stokken en knuppels. Vervolgens reed een nazi met een verleden als schizofreen een vrouw dood, en dat was de schuld van Trump, aldus de media en Democratische politici, die deze nieuwe kans om Trump te besmeuren niet wilden missen.

Echt? Heeft Trump zich met sympathie uitgelaten over nazisme of blanke suprematie?

Ook het Nederlandse tv-programma Nieuwsuur besteedde hieraan aandacht. In een gesprek met de conservatieve schrijfster Ann Coulter suggereerde presentator Eelco Bosch van Rosenthal, arrogant achterover leunend achter zijn tafel, dat Trump ’ze in de buurt wil houden’, en daarmee bedoelde hij de nazi’s en fascisten. Echt? Wil Trump, de grootvader van Joodse kinderen die hij liefheeft, jodenhaters in de buurt hebben?

Trump werd al ver vóór Charlottesville behalve vrouwen- en jodenhater ook racist genoemd door de elites van links en rechts; ze verafschuwen hem en dus moest hij worden ’kaltgestellt’. Maar hij was het enige alternatief voor Amerikaanse burgers die het vertrouwen in het politieke proces, èn de media, waren kwijtgeraakt. George Bush bracht Barack Obama voort, en Obama Trump. De brutale en grove showman Trump (van wie ik geen fan ben; net zomin als van Obama) is de reactie op de elite-politiek. Het toekomstbeeld van Amerika wordt bepaald door de culturele en politieke elites in New York, Los Angeles, Washington DC, en dat beeld heeft niets te maken met de werkelijkheid van minstens de helft van de bevolking.

Daarnaast gooide president Obama jarenlang olie op het vuur van rassentegenstellingen, mede door het steunen van de Black Lives Matter-beweging (BLM), een andere groep van revolutionair-marxistisch links.

Sinds 1960 zijn in Amerika meer zwarte mannen vermoord door andere zwarte mannen dan alle doden in alle Amerikaanse oorlogen sinds WOII bij elkaar. BLM heeft het daar niet over; volgens BLM worden zwarte Amerikanen massaal door politieagenten gedood, ook al wijzen de cijfers iets heel anders uit. Het is een gruwelijk feit dat er een continue zwarte burgeroorlog woedt in de Amerikaanse binnensteden – als zwarte intellectuelen dat bespreken, worden ze weggezet als collaborateurs met ’institutioneel wit racisme’.

Bij dit alles ontstond de postmoderne genderproblematiek. De heftige discussies daarover zijn nauwelijks tot Nederland doorgedrongen, ofschoon echo’s doorklinken in het besluit van de Gemeente Amsterdam en de Nederlandse Spoorwegen om de aanspreekvorm ’dames en heren’ te schrappen. Dit debat, waarbij het subjectieve gevoel van een individu over zijn seksuele identiteit, en niet zijn biologie, bepalend is, werd door Hillary Clinton verweven met de problematiek van vrouwenrechten. Vervreemdende chaos was het resultaat.

Trump – in feite partijloos – voelde perfect aan wat er speelde bij Amerikanen die door de politieke en culturele elites in de steek gelaten waren; hij was, zoals historicus Victor Davis Hanson schreef, ’de weerspiegeling van wijdverspreide woede en ontevredenheid over globalisering, interventionistische buitenlandse politiek, Orwelliaanse politieke correctheid, identiteitspolitiek, tribalisme, open grenzen, en een ’Deep State’ die predikt en veroordeelt maar zelf nooit leeft met de gevolgen van de eigen preken.’

De laatste twintig jaar groeiden de blanke onderklassen en nam de werkloosheid dramatisch toe. Wie wil weten wat daar speelt, leze ’Coming apart’ van de erudiete politicoloog Charles Murray, wiens lezingen door antifa’s worden verstoord want hij is natuurlijk ook een racist en fascist.

En hier raken we iets fataals: iedereen die het niet met linkse politiek en linkse media eens is, mag – ook in Nederland – zonder enige indicatie racist en joden- en vrouwenhater worden genoemd. De demoniseermachine draait op volle toeren. Google en Facebook zijn filters aan het bouwen om onwelgevallige (lees: conservatieve en rechtse) meningen weg te filteren, de Nederlandse overheid gaat het totale internet- en telefoonverkeer verzamelen, en in Duitsland zijn er wetten aangenomen om sociale media te dwingen censuur uit te oefenen.

Aan Voltaire wordt de volgende uitspraak toegeschreven: „Ik ben het niet eens met wat u zegt, maar ik zal uw recht om het te zeggen tot de dood toe verdedigen.” We leven in een tijd waarin bijna alle traditionele media dat principe, de hoeksteen van de open en vrije samenleving, hebben verraden.

Bron: http://www.telegraaf.nl

 

Jeruzalem is islam in gemanipuleerd

De keten van religieuze waanzin kent geen einde.
Leon de Winter

Leon de Winter
Foto: De Telegraaf

De historiciteit van de figuur Mohammed is nog steeds niet vastgesteld: heeft hij echt in zijn eentje de islamisering van het Midden-Oosten teweeggebracht, of is hij een samenstel van wonderlijke legenden? Het is verboden om in Mekka en Medina archeologie te bedrijven, dus er zijn geen objectieve bewijzen voor zijn bestaan. Maar over Mohammed bestaan grote hoeveelheden verhalen, en ook dat is weer verdacht: het zijn er teveel. Toch twijfelt geen moslim aan de authenticiteit van die verhalen, en dat komt omdat de verhalen van Mohammed traceerbaar zijn, aldus de islamitische theologie.

Hoe traceerbaar? Iemand heeft persoonlijk een bepaalde uitspraak van Mohammed gehoord, en daarna heeft hij die precies doorgegeven aan weer iemand anders, enzovoorts, tot een van de grote schriftgeleerden van de islam die uitspraak opschrijft.

We kennen zo’n keten als spelletje op kinderfeesten; negen van de tien keer komt er aan het eind van de keten iets heel anders uit dan bij de eerste influistering, maar goed, dit is de officiële opvatting over de echtheid van de anekdotes over Mohammed.

Soera (hoofdstuk) 17 van de Koran begint als volgt: ’In naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle. Heilig is Hij Die Zijn dienaar bij nacht voerde van de Heilige Moskee naar de Verre Moskee welke Wij hebben gezegend, opdat Wij hem enkele Onzer tekenen zouden tonen.’

De ’Heilige Moskee’ – daarmee wordt de moskee in Mekka bedoeld, geen twijfel daarover. Maar ’de Verre Moskee’ – welke moskee was dat?

Iedereen weet dat in Jeruzalem de Al-Aqsa moskee staat, en Al-Aqsa betekent: ’De Verre’. Precies, zoals in de Koran staat. Maar was dat ook ten tijde van Mohammeds leven de ’Verre Moskee’?

Over deze vraag schreef dr. Mordechai Kedar vorig jaar op de Israëlische website Arutz Sheva een interessant artikel. Kedar geeft les aan de Bar-Ilan University in Tel Aviv en is gespecialiseerd in de Arabische cultuur.

Kedar schrijft dat de Al Aqsa van de Koran niet de moskee in Jeruzalem is – die bestond namelijk niet in de zevende eeuw. Volgens ’vroege islamitische bronnen’ stond de ’verre moskee’ in het plaatsje Ji’irrana buiten Mekka. Daar stonden twee moskeeën: de ene heette de ’Nabije’ en de andere de ’Verre’. Waarom is dit allemaal van belang?

We zagen dat de opening van soera 17 uitermate vaag is: het bevat geen enkele anekdote en suggereert slechts een reis. Die anekdote bestaat wel in de uitgebreide bibliotheken over Mohammeds belevenissen en uitspraken. Daarin is sprake van een nachtelijke tocht van Mohammed op een soort fabelpaard dat kan vliegen naar die ’Verre Moskee’, en daarna naar de hemelen. Volgens de overlevering zou die tocht in het jaar 621 hebben plaatsgevonden.

Nergens wordt in de Koran Jeruzalem genoemd. En de anekdote met de vlucht op het paard staat er evenmin in. Dus kan met de ’Verre Moskee’ niet Jeruzalem bedoeld zijn, stelt Kedar. En hij komt met een antwoord op de vraag hoe Jeruzalem in deze mythische anekdote is geslopen.

Vijftig jaar na Mohammeds dood werd door meneer Abd allah Ibn al-Zubayr de stad Mekka onttrokken aan de heersende islamitische dynastie, die het hele gebied controleerde: de Ummajaden. Daarmee werd het voor de Ummajaden onmogelijk om de pelgrimstocht naar Mekka te maken. Waarheen dan wel op pelgrimstocht? Naar Jeruzalem!

Kedar schrijft: ’Om de keuze voor Jeruzalem te rechtvaardigen herschreven de Ummajaden het verhaal in de Koran en schoven ze de Al Aqsa Moskee naar Jeruzalem en voegden ze er de nachtelijke tocht van Mohammed naar de Al Aqsa aan toe. Dit is de reden waarom soennitische moslims Jeruzalem als hun op twee na belangrijkste heilige stad beschouwen.’

Kedar voegt eraan toe dat de sjiieten niet meegingen in ’dit bedrog’. Zij werden hevig door de Ummajaden vervolgd en beschouwden naast Mekka de stad Najif als hun heilige stad, want daar lag het graf van de grondlegger van de shia-islam, Ali bin Abi Talib.

Pas na de Sjiitische Revolutie van 1979 werd Jeruzalem voor sjiieten een heiligheid in een poging eenheid met de soennieten te veinzen.

Voor wie heilige teksten door mensen bedachte teksten zijn, is dit gemanipuleer niet verrassend. Maar er zijn moslims die bereid zijn voor de Al Aqsa Moskee een huis op de West Bank binnen te dringen om daar met een mes Josef Salomon (70) en zijn kinderen Chaya (46) en Elad (36) voor de ogen van de familie – bijeen op sabbatavond om feestelijk de geboorte van een kind te vieren – beestachtig af te slachten; dit gebeurde vorige week in de nederzetting Neve Tsuf, gebouwd op de ruïnes van een joods dorp uit Bijbelse tijden.

Voor heel wat gelovige moslims is die moordenaar een held want hij verdedigde de eer van de Verre Moskee. Die eer was niet beschaamd door het binnensmokkelen van vuurwapens, waarmee een week eerder moslimterroristen twee Israëlische politieagenten vermoordden, maar wel door het plaatsen van metaaldetectiepoortjes, dat een reactie was op die moorden.

De keten van religieuze waanzin kent geen einde.

Bron: http://www.telegraaf.nl

Misdadige overmoed van westerse elites

Zevenentwintig jaar geleden, om precies te zijn: op 10 februari tussen vier uur ’s middags en halfzeven ’s avonds, spraken de ministers van Buitenlandse Zaken van West-Duitsland en de Sovjet-Unie met elkaar in Moskou.

Leon de Winter

Leon de Winter
Foto: Johannes Dalhuijsen

 

De machtsbalans in het hele oosten van Europa was aan het schuiven en het was van belang om fatale misverstanden uit te sluiten. Iedereen besefte dat dit historische tijden waren en dat de Sovjet-Unie door interne uitputting, en cynisme, het einde van het reëel bestaande socialisme doormaakte.

Maar gevaren lagen op de loer. De Sovjet-Unie had in het oosten van Europa grote legers gestationeerd; die stonden tegenover de legers van de westerse landen, georganiseerd in de NAVO onder de atoomparaplu van de VS.

MAD was het schrikbeeld: Mutually Assured Destruction. Niemand kon deze Koude Oorlog winnen. De belangrijkste spelers in dit machtsspel waren, ondanks ideologische verschillen, rationeel en waren zich hiervan bewust. Dus bleef de vrede van Europa in stand, een vrede die leidde tot de grootste economische, sociale en technologische bloeiperiode in de geschiedenis.

Wat bespraken die Duitse en Russische ministers van BZ op 10 februari 1990? Volgens de notulen, acht jaar geleden door het Duitse weekblad Der Spiegel geopenbaard, zei de Duitse minister het volgende: „Wij zijn ons ervan bewust dat lidmaatschap van de NAVO voor een verenigd Duitsland gecompliceerde vragen oproept. Voor ons, echter, is één ding zeker: NAVO zal niet naar het Oosten uitbreiden.”

In de notulen was de Duitse minister daarna nog duidelijker: „Wat betreft de niet-uitbreiding van de NAVO, dit betreft het geheel.” Waarmee hij bedoelde: aan de lijst van de landen die NAVO-lid zijn, zal niet worden getornd.

De Sovjet-Unie was een wereldmacht, en wat er ook zou gebeuren, de militaire en technologische kwaliteiten zouden de Sovjets overleven: de exacte disciplines aan Sovjet-universiteiten waren van wereldklasse. De Sovjet-Unie zou ophouden te bestaan en de Russische Federatie zou geboren worden, maar de Russische tradities, en de angsten en ambities die samenhingen met de uitzonderlijke geschiedenis en geografische ligging van het uitgestrekte land, bleven onveranderd. De Russen bleven een volk met een hang naar autoritair bestuur. Hun onzekerheden over de bedoelingen van westerse machten, die eeuwenlang Russische territoria infiltreerden en beheersten, bleven ook bestaan.

Tegenover Der Spiegel zei Mikhail Gorbatsjov, de Sovjetpresident die het einde van het communistische rijk faciliteerde, dat de westerse landen de belofte deden de NAVO „geen centimeter naar het Oosten uit te breiden”.

Maar onze westerse leiders hebben zich niet kunnen beheersen en hebben de afspraken met de Russen geschonden en daarmee een Koude Oorlog Light uitgelokt. Vaclav Havel, de schrijver en dissident die president werd van het vrije Tsjecho-Slowakije (dat ook al niet meer bestaat), wilde niet alleen een einde maken aan het Warschaupact, het instrument van de Sovjetoverheersing in het Oosten, maar ook aan de NAVO, die overbodig zou worden na het einde van de Koude Oorlog. We hebben niet naar Havel geluisterd.

Het was onvermijdelijk dat de Russen op een dag een lijn zouden trekken bij de problematiek van Oekraïne, een land dat ten diepste verdeeld was over de te volgen koers: naar het Westen of naar het Oosten? Bij peilingen in december 2013 was de verhouding onder de bevolking ongeveer 50/50. Konden de Russen zonder slag of stoot Oekraïne verliezen aan de NAVO en de EU?

Alarmbellen

EU-politici gooiden olie op het vuur en vuurden de prowesterse helft van de bevolking aan, terwijl de Russen de andere helft steunden. We zagen enkele dagen geleden foto’s van de gelukkig ogende Oekraïense president Porosjenko, de corrupte president van het corrupte Oekraïense staatsbestel, naast de ongekozen president van de EU, de (kinderloze) Luxemburgse alcoholist Juncker, twee mannen die pretenderen dat klassieke geopolitieke belangen niet meer gelden. Ze vierden opzichtig een nieuwe overeenkomst tussen de EU en Oekraïne. De foto’s lieten alle alarmbellen in het Kremlin rinkelen.

Er zijn directe schuldigen aan de ramp van de MH17, die zoveel Nederlandse families onbeschrijflijk leed berokkent. Maar er zijn ook indirect verantwoordelijken. Met name de westerse politieke elites hebben het conflict in Oekraïne opgespeeld. Uit machtswellust, verkeerd begrepen zelfbelang, de glorie van het uitbreiden van de EU? Zeker, iemand heeft op de knop gedrukt van die Buk-raket, maar hij was het sluitstuk van een ontwikkeling die begon in 1990. 193 Nederlandse families (en 90 buitenlandse) betalen de prijs voor de misdadige overmoed van de westerse elites die zich met geopolitiek bezighouden. Meer dan tienduizend mensen zijn inmiddels in Oekraïne door oorlogshandelingen gestorven. Wie moeten we berechten? Alleen degene die op die fatale knop drukte, of de elites die de omstandigheden creëerden? Wedden dat ze geheel buiten schot blijven en in het proces (als dat er ooit komt) niet eens worden genoemd?

Bron: http://www.telegraaf.nl

Na het rellen weer aan de subsidie


Leon de Winter

Leon de Winter
Foto: De Telegraaf

De lust om te vernietigen – dat zagen we het afgelopen weekend in Hamburg. In een essay uit 1842 schreef de Russische revolutionaire anarchist Michail Bakoenin de zin die de kern is van de anarchistische beweging: „De passie voor destructie is een creatieve passie.”

Je zou Bakoenins opstelling kunnen verdedigen door te wijzen op de wantoestanden ten tijde van de eerste golf van grof kapitalisme na de Industriële Revolutie. Er bestonden in die nieuwe wereld uitbuiting, onrechtvaardigheid, moderne slavernij, terwijl weinigen gigantische rijkdommen vergaarden. Er was alle aanleiding om de maatschappij te veranderen, en die moest beginnen met afbraak, aldus de revolutionairen.

Die veranderingen kwamen er, maar geleidelijk. Er bestaat geen uitgebuit proletariaat meer, ook al doen linkse partijen hun best het idee van uitbuiting in leven te houden. Integendeel, de verzorgingsstaat heeft alle idealen van het socialisme vervuld. Dus is links op zoek naar nieuw onrecht. Het lot van migranten, niet alleen de vluchtenden voor oorlog maar ook die voor armoede, past perfect in het vacuüm van het linkse actie-ideaal.

Wat doe je dan met 19e-eeuwse revolutionaire concepten in het noordwesten van Europa in 2017? Niks, op een beetje symboliek na: afvalcontainers in de fik steken en winkels plunderen.

Je zag op de beelden – opnames met smartphones, een van die juweeltjes van het internationale kapitalisme – dat de schappen met gezond fruit en verse groente en producten als brood en tandpasta redelijk onbeschadigd achterbleven. Het ging de diefjes om wijn, bier, sigaretten, snoep, chocolade, ofwel moderne genotsconsumptieproducten die ze gratis wilden nuttigen. Daarmee zijn ook zij verwende kinderen van de verzorgingsstaat: je wilt lekker zuipen en snoepen en roken, en papa en mama betalen.

Deze in het zwart getooide types riskeren een klap met een knuppel, de straal van een waterkanon, misschien wat traangas, dus iets wat je echt voelt en niet virtueel is, maar voor hun leven hoeven ze niet te vrezen want ze weten dat het handelen van de politie gebonden is aan stringente regels. Maar het is kicken, die roes wanneer de ruit explodeert en het glas om je hoofd vliegt en tientallen fotografen je heldendaad vastleggen. Dit is decadentie pur sang.

Hamburg is een welvarende stad die alle linkse hobby’s subsidieert. Maar dat is niet genoeg. Op elke Dag van de Arbeid wordt er gereld, en sneuvelen er ruiten van winkels en banken. Een beetje opstandige jongeman wil destructie, maar wel op de afgesproken dag. En als er geen objectieve rechtvaardiging valt te vinden, zoals in het huidige West-Europa, dan zoekt hij er wel één waarmee hij zijn redeloze gedrag in een krap jasje van redelijkheid kan hullen. Bijgestaan en aangevuurd door bevlogen meiden die weten dat geen revolutie zal lukken zonder voldoende seks, vieren deze jongemannen op golven van testosteron en adrenaline hun driften bot onder het mom van maatschappelijk engagement, maar met mate. Zo’n parttime revolutionair blaast zichzelf niet snel voor het goede doel op.

Voor de rellers was Hamburg enkele dagen lang een soort pretpark met spanning, actie, gedoe, gevaar, gratis versnaperingen, en alles binnen de perken want iedereen wist dat de politie nooit massaal gebruik zou gaan maken van vuurwapens.

Teams van progressieve advocaten zaten klaar om de opstandelingen direct juridische bijstand te verlenen, want dat hoort ook bij het spel, zoals radicale moslims al geruime tijd weten: jij kunt de regels aan je laars lappen, maar de tegenpartij, namelijk de rechtsstaat, moet zich aan de regels houden.

Wat IS in Syrië en Irak heeft aangericht, komt voor een groot deel uit dezelfde koker: de lust om te vernietigen. De radicale islam biedt daarvoor ideale rechtvaardigingen: als man mag je onder bepaalde voorwaarden naar hartenlust moorden en verkrachten. Er zijn talloze jongemannen die die verleiding niet kunnen weerstaan.

Zeker, er bestaat een verschil tussen het plunderen van winkels en het vermoorden van andersdenkenden, en toch: ik vermoed dat die activiteiten uit dezelfde wilde jongemannenbron voortkomen. Uiteindelijk aanbidden de Hamburgse relknapen niet de god van het hiernamaals maar de god van de consumptie, en na een weekendje rellen willen ze terug naar het gesubsidieerde autonome leven in het gesubsidieerde autonome kraakpand, inclusief gezondheidszorg met medicijnen van het verfoeide farmaceutische grootkapitaal.

We weten inmiddels hoe de islamitische IS-driften zich in een maatschappelijk model uitdrukken: in de hel op aarde. En het anarchisme? Dat is per definitie een overgangsvorm die opgevolgd wordt door de dodelijke tirannie van een ideologische elite – en hiervoor schrikken onze relconsumenten, ondanks hun destructielol, toch terug. Want ook voor hen is een cel in de Goelag gereserveerd.

Gewoon lekker een weekendje rotzooi trappen. Niet langer dan een paar dagen, want onze salonanarchisten beseffen dat je elke supermarkt maar één keer kunt plunderen. Vóór een tweede plundering moeten anderen met hun noeste handen eerst iets produceren, verpakken, transporteren, uitladen, op een schap zetten, en dat duurt even. Voor hun infantiele vernielweekendjes parasiteren anarchisten en chaoten op een functionerende maatschappij.

Orgiastische geweldsfantasieën spelen zich in gradaties achter al die zwarte maskers af, in Hamburg en Raqqa. Kunnen we dat in het zwart geklede geteisem niet op elkaar loslaten?

Bron: http://www.telegraaf.nl

 

De antisemitische stank hangt weer in de lucht


Leon de Winter

Leon de Winter
Foto: De Telegraaf

Mijn kinderen studeren in Tel Aviv, een dynamische stad aan de Middellandse Zee, een soort Chelsea of Soho (de New Yorkse wijken), en ik ben er zoveel mogelijk.

De stad is overweldigend divers en multiculti. Op straat zie je Russische, Afrikaanse, Jemenitische, Marokkaanse, Aziatische, Arabische gezichten, de hele wereld leeft hier met elkaar, in een streek vol oorlog en geweld en lijden. Nee, het is er niet zoals in Denemarken, maar voor een Midden-Oosters land dat sinds 1948 continu in oorlog verkeert, is het er wonderlijk open en rechtvaardig.

Dat weerhoudt velen er niet van Israël te bekritiseren op een manier waaraan zelfs de goorste tirannieën niet onderworpen worden. In bijna alle organen van de Verenigde Naties wordt vergadering na vergadering Israël veroordeeld zoals geen enkel ander land, inclusief Syrië, Noord-Korea, Rusland, China, veroordeeld wordt. Israël kan niet militair vernietigd worden, maar misschien kan het gebroken worden door boycots, zo hopen de haters. Dus willen ze Israëlische producten weren, net als Israëlische universiteiten, wetenschappers, zelfs toeristen. Desondanks bloeit het land.

Vorige week zag ik een online-interview met een man die over wereldpolitieke zaken sprak; hij deed dat met een verheven glimlach die verraadde dat hij de verborgen verbanden achter de werkelijkheid doorzag.

Hij zei onder meer: ’Duitsers kunnen geen onvertogen woord zeggen over Israël en de rol die Israël steeds weer opnieuw op de achtergrond meespeelt. Dat betekent ook dat de Europese Unie daar heel voorzichtig mee moet zijn. Het moment dat je iets zegt daarover, de werkelijkheid aanboort, dan word je beschuldigd van antisemitisme.’

Is dat echt zo? Wie de Duitse media volgt, zowel de gedrukte als de staatsmedia, ziet iets heel anders: talloze Duitse journalisten vinden er diepe bevrediging in om Israël te bekritiseren. Door Berlijnse straten marcheren Hezbollah-aanhangers samen met neonazi’s en neomarxisten. In de staatsmedia zelden een onvertogen woord over Palestijnen en veel kritiek op Israël, op het pathetische af: ze raakten onlangs in paniek toen een producent een TV-documentaire maakte over jodenhaat onder Arabieren en Palestijnen.

In Brussel is het niet anders. Het EU-parlement is vijandig ten opzichte van Israël en de EU-commissaris die zich met BZ bezighoudt, Federica Mogherini, is een linkse antizioniste. Word je beschuldigd van antisemitisme wanneer je in Duitsland of in de EU Israël bekritiseert? Kolder.

De man zat dus te raaskallen. Maar ik dacht even na over ’de rol die Israël steeds weer opnieuw op de achtergrond meespeelt’. Israël dat op de achtergrond sinistere dingen regelt, bedoelde hij, ’op de achtergrond’ en ’steeds weer opnieuw’.

Vervolgens hoorde ik deze man zeggen dat er in Canada en in de VS wetten worden gemaakt waardoor het bekritiseren van Israël strafbaar wordt. Blij keek ik op en dacht: echt, heb ik wat gemist? Maar het is onzin. Die wetten bestaan niet. Er komen hier en daar wetten aan die het vernietigen van Israël via boycots willen voorkomen, maar dat is iets heel anders.

De man zei verder dat we moeten oppassen ’met wat we over Israël zeggen. Gelukkig is dat nog niet zo in Nederland, alleen in het Amsterdamse Gebeuren, als je daar een gunstige opmerking maakt over Palestijnen, dan moet je oppassen, en als je verder gaat, veel verder gaat, dan loop je ook in Nederland de kans om voor antisemiet te worden uitgemaakt’.

Het ’Amsterdamse Gebeuren’ – maffe term, het is de eerste keer dat ik het hoorde, maar je hoeft geen Talmoedist te zijn om te beseffen wat deze man bedoelde. Er woont slechts een handjevol Joden in Amsterdam, maar deze man wil dat wij denken dat ze verenigd in het Gebeuren sluw en duister de stad beheersen.

Is het echt zo dat je in Amsterdam gevaar loopt als je je positief over Palestijnen uitlaat? Komt dan de Volkspolizei van het Gebeuren achter je aan, worden de ruiten van je woning ingegooid door agenten van het Gebeuren? Geen woord van Israëlkritiek op de Amsterdamse uni’s en hogescholen, geen Palestijnse vlaggen of antizionistische retoriek op de Dam, want daarmee lok je een levensgevaarlijk reactie uit van het Gebeuren?

Deze man is Karel van Wolferen, iemand die ik hoogschatte. Hij was een uitstekende journalist, schrijver van een indrukwekkend boek over Japan (ik heb het in de kast), hij was hoogleraar in Amsterdam.

Hij sprak zijn zinnen uit in Café Weltschmerz, een interessant online interviewplatform dat ik met plezier volg. Van Wolferen werd geïnterviewd door Laszlo Marácz, een hoogleraar Europese Studies met een eersteklas reputatie, die niet wist hoe hij moest reageren toen Van Wolferen leegliep over Israël en het Amsterdamse Gebeuren. Althans, ik neem aan dat Marácz’ zwijgen een vorm van verbijstering was.

Uw waarschuwing maak ik graag waar, professor Van Wolferen: inderdaad, in uw woorden – de klacht over de wereldomspannende joodse almacht, de leugen over hun invloed, de onderhuidse en laffe ’ik waarschuw alleen maar en ben echt geen antisemiet’ riedel – hoor ik een klassieke antisemiet.

Al eeuwenlang laten antisemitische complotdenkers zich horen wanneer ze de kans ruiken. De stank hangt weer in de lucht.

Bron: http://www.telegraaf.nl

Hoe weldenkend zijn de Belgen?


Leon de Winter

Leon de Winter
Foto: De Telegraaf

Twee Vlaamse bedrijven beheersen inmiddels de Nederlandse krantenmarkt. Dat is niet gezond. Wat weten de Belgen van het uitgeven van kranten dat wij niet weten?

De Belgische onderzoeksite Apache.be publiceerde anderhalf jaar geleden een analyse van die twee bedrijven onder de kop ’De echte subsidieslurpers van Vlaanderen’. Overheidssteun, blijkt het sleutelwoord te zijn. Geen btw, nauwelijks distributiekosten.

De twee uitgeefconcerns zijn in handen van twee groepen zeer vermogende Vlaamse families met intense banden met banken en de politiek. Zij kunnen veel voor elkaar krijgen, zo toont het Apache-artikel aan. De overheidssteun bestaat al dertig jaar, en het gaat om vele miljarden.

Ook De Telegraaf komt onder beheer van Mediahuis. Vorige week gaf Gert Ysebaert, de hoofdbestuurder van Mediahuis, een interview aan De Volkskrant, eigendom van concurrent De Persgroep. Zonder dat met zoveel woorden te zeggen, kondigde Ysebaert diepgaande hervormingen aan, en liet hij weten dat GeenStijl niet bij Mediahuis hoorde.

Ysebaerts opmerking over ’shockblog’ GeenStijl werd landelijk nieuws: ’Ieder weldenkend mens moet tegen dit soort teksten zijn’. Hij refereerde aan een oproep van GeenStijl aan zijn lezers om seksueel getinte stukjes te schrijven over een journaliste van De Volkskrant – de actie had een context, maar was banaal en goor. Veel vaker is GeenStijl scherp, geestig, en een levendig platform voor politiek incorrecte polemiek.

Ysebaert liet niets horen toen de Vlaamse krant De Standaard, ook eigendom van Mediahuis, de Libanese fascist Abou Jahjah als columnist aantrok. Dat was kennelijk wel een vorm van weldenkendheid.

Progressieve Vlaamse intellectuelen hebben de media in België overmeesterd, en het is van belang die tendens bij ons te voorkomen. Op de nieuws- en opiniepagina’s draagt NRC-Handelsblad, nu een zusterkrant, onder leiding van de Vlaming Peter Vandermeersch het wereldbeeld van de Vlaamse grachtengordel uit; de oude coryfeeën van deze ooit evenwichtige liberale krant wilden juist een dam opwerpen tegen dergelijke opvattingen.

Een voorbeeld van dat wereldbeeld en de manier waarop de weldenkende NRC opereert? Op 2 juni publiceerde de NRC een artikel onder de bizarre kop (een citaat) ’In Israël is poëzie een misdaad geworden’.

Het artikel ging over het proces tegen de vrome Israëlisch-Arabische dichteres Dareen Tatour. In haar gedichten roept zij op tot geweld tegen Israël. Een verdediger van haar is prof. Nissim Calderon, in Israël bekend om zijn provocerende en maffe uitlatingen. Dat citaat was van hem.

Wat vond prof. Calderon van de gedichten van mevr. Tatour? Ze waren niet echt goed, bekende hij, ze waren ’best wel beroerd, zelfs’.

Het is duidelijk dat Dareen Tatour een gelovige hater is die gebruik maakt van beroerde gedichten om op te roepen tot geweld. Maar: of het rijmt of niet, of het goed geschreven is of niet, ze roept op tot geweld in een actuele context, vindt het OM in Israël.

Prof. Calderon vindt daarentegen dat je echt alles mag zeggen. NRC schrijft: ’Is er dan geen enkele tekst die volgens hem strafbaar zou zijn? Wat als Tatour had opgeroepen tot een kogel door het hoofd van de Israëlische premier? Calderon: „Zelfs dat mag. Het is poëzie, geen politiek pamflet.”’ Welk hoofdredactioneel commentaar zou NRC hebben afgedrukt als een dichter had gesmeekt om een kogel door Obama’s hoofd?

Prof. Calderon is dus een halvegare, maar de NRC drukte alles instemmend af want het was onweerstaanbaar om de zin ’In Israël is poëzie een misdaad geworden’ in de krant te laten schitteren. Nog even iets meer: hoe bouwde NRC dat hetzestuk op? Het begon met de volgende dichtregels: ’En met woedende wreedheid, Drinken we jullie bloed genadeloos […], Woede scherpte ons blinkende zwaard, en bestemde jullie voor de dag van de slacht.’

Daarna meldde de schrijver van dat artikel – hij wilde de lezer op het verkeerde been zetten – dat die wrede zinnen niet afkomstig zijn van die vervolgde dichteres maar van Haim Bialik, de nationale dichter van Israël.

Het hele artikel staat dus in de slipstream van die gewelddadige dichtregels van Bialik. En je denkt vervolgens als lezer: is dit de wrede stem van de nationale dichter van Israël? En wat hypocriet om die arme poëtische moslima een proces aan te doen wegens oproepen tot geweld als de eigen nationale dichter zulke gewelddadige zinnen heeft geschreven?

NRC koos ervoor om de oorsprong van die gewelddadige zinnen weg te laten. Ze komen uit Bialiks ’Bar Kochba Gedichten’. Bialik stelde zich de wraak voor waarop Bar Kochba zint, de Joodse leider van de opstand tegen de Romeinen in 132 AD. Bialik, geboren in de Oekraïne, schreef die gedichten in 1898 als wanhopige reactie op bloedige pogroms in Oost-Europa, waarbij Joden massaal werden afgeslacht. Die regels hebben niets te maken met Israël, Palestina, de West-Bank, moslims. Dat NRC-stuk is dus een verfijnd staaltje anti-Israëlische agitatie, een affront, om het op z’n Vlaams te zeggen, van de manier waarop een serieuze krant zijn lezers moet informeren. NRC koos voor manipulatie.

Weldenkend. Wanneer niet de redactie maar het management dat woord in de mond neemt, weet je dat er iets uitermate onweldenkends broeit. Waar is John? Joh-hon!

Bron: http://www.telegraaf.nl

’De bestuurder gaf echt gas, veel gas…’


Leon de Winter

Leon de Winter
Foto: De Telegraaf

„We waren op de vijfde aangekomen en hadden een appartementje gehuurd in Amsterdam. We waren met ons drieën. Ik was naar Nederland gegaan met twee vrienden die ik nog van school ken, echte vrienden zijn we.

We waren die dag naar de Efteling gegaan. Dat klinkt een beetje gek, maar we hadden het gevoel dat het wel leuk zou zijn, en dat was ook zo. We hadden in de achtbaan gezeten, was oké. We waren net uit de trein gekomen en hadden het Centraal Station verlaten toen we op het plein voor het station kwamen. We wilden terug naar het appartement lopen. Toen verscheen die auto opeens, van achter ons.

Ik werd behoorlijk geraakt, mijn twee vrienden hadden alleen schrammen en blauwe plekken. Ik verloor m’n bewustzijn en toen ik bijkwam, voelde ik overal pijn. De politie was er, ambulances.

Ik was even bewusteloos, maar ik herinner me heel goed het geluid van de auto die ons raakte. De bestuurder gaf echt gas, veel gas. Het was toeval dat wij geraakt werden, maar de bestuurder was niet voorzichtig aan het wegrijden. Hij was snelheid aan het maken.

Vreemd

Ik werd naar het ziekenhuis van de Vrije Universiteit gebracht, en daar werd ik perfect behandeld. De verpleging en de dokters waren uitstekend. Ik belde met mijn vader om te vertellen dat het meeviel. Ik ben daar een nacht gebleven en de volgende dag kwam er een vrouw van de politie. Zij vertelde dat de bestuurder suikerpatiënt was en dat hij daardoor onwel was geworden. Dat vond ik een vreemd verhaal. De man gaf gas.

Mijn vrienden vertelden me dat de bestuurder heel agressief deed vlak na het ongeluk. Ik was toen bewusteloos, dus ik heb het niet meegemaakt. De man was boos, ook al hadden wij boos moeten zijn, want de man had een flink aantal mensen aangereden, twee mensen met zware verwondingen. Hij zag er volgens mijn vrienden uit als een moslim, beetje Arabisch.

De politievrouw vertelde dat ze rapporten naar me zou mailen en details over wie die man is, maar ik heb nog niets ontvangen.

Ik ben nu thuis in Israël, ik ben aan het herstellen en ben moe, maar het gaat.

Ik denk niet dat het een terroristische aanval was, maar voor een ongeluk is het ook gek, omdat de man zo hard over dat plein reed. En zijn agressie is ook vreemd. Als er beelden zijn, dan wil ik ze graag zien.

Wij hadden de indruk dat de man voor de politie wilde vluchten, dat hij wilde ontkomen. Waarom zou je anders gas geven? En die agressie? De politie was er meteen bij, want ze waren op het plein. Mijn vrienden dachten ook dat de man na het ongeluk wilde vluchten, maar dat is hun indruk. Ik wil graag weten wat er precies is gebeurd. Tot dat gebeurde, hadden we een leuke dag gehad. Drie jongens uit Israël een weekje op vakantie in Nederland. Duizenden jonge mensen uit Israël doen dat. Pech?”

Vorige week schreef ik hier al over. Ik blijf vragen stellen over dit ongeluk op een van de meest kwetsbare plekken van Nederland. Hiermee wil ik niet het gedrag van de politie ter discussie stellen – ik heb groot respect voor de politie. Ik heb de indruk dat de woordvoerders, die als eersten een beeld geven van wat er gebeurd is, zich tegenwoordig (in overleg met andere autoriteiten) door onheuse motieven laten leiden. Zoals het gebruik van de term ’geradicaliseerde Amsterdammer’, waarmee de extremistische moslim werd bedoeld voor wie vorige week de halve politiemacht van het zuiden van Nederland bij een concert van Guus Meeuwis op tilt sloeg.

Sturen

Na dat ongeluk in Amsterdam zeiden politiewoordvoerders binnen 24 uur dat de bestuurder een diabetespatiënt was; het woord ’moslim’ werd vermeden, net als bij de extremist in Eindhoven, ofschoon in beide gevallen dat woord essentieel is om de situatie te begrijpen. Door alleen de term ’diabetes’ te gebruiken, wilden de woordvoerders onze perceptie sturen. Uit een Brits onderzoek naar ziekenhuisbezoek tijdens de ramadan laten de cijfers zien dat er een sterke toename is van moslimpatiënten door ongevallen en door complicaties door het vasten.

Vragen blijven onbeantwoord: waarom had deze man op die onmogelijk plek zijn auto tot stilstand gebracht en waarom merkten de agenten niets aan hem toen zij hem daarover aanspraken? Had hij echt met een zogeheten ’hypo’ langdurig en wild door de stad gereden?

Het onderzoek loopt door en hopelijk was dit niet meer dan een ongeluk (ofschoon: met serieuze gevolgen), een droeve samenloop der omstandigheden, ook al kunnen in principe ook suikerpatiënten aanslagen plegen.

’Shit happens’, zullen we maar denken. In ieder geval leerzaam voor wanneer het wel dramatisch fout gaat, en die dag komt, onherroepelijk.”

Bron: http://www.telegraaf.nl

 

Strijd: propaganda versus feitelijkheid


Leon de Winter

Leon de Winter
Foto: De Telegraaf

Opinie Leon de Winter

Wie controleert de ’narrative’? De meeste lezers zullen hun schouders hierover ophalen, omdat zij geen beeld hebben van wat een ’narrative’ is. Maar het gaat om iets belangwekkends. Een ’narrative’ is een verklarend verhaal dat een oordeel over een persoon of gebeurtenis voortbrengt. In de klassieke en de nieuwe media woedt hierover een felle strijd. Het gaat om vrijheid versus censuur, om propaganda versus feitelijkheid.

Facebook, Twitter, Google, de nieuwe media oefenen nu al censuur uit en hebben controleprogramma’s ontwikkeld die onwelgevallige woorden en beelden (Naakt! Foei!) opsporen en laten verdwijnen. Ook het NOS Journaal doet hieraan mee: vorige week haalde het na de laatste aanslag in Londen het woord ’islamitisch’ uit de speech van premier May en het verslag van een ooggetuige. Waarom? Om onze perceptie van de werkelijkheid te beïnvloeden.

De ’narrative’ gaat altijd één kant uit: het gaat om het onderdrukken van oppositie tegen het progressieve establishment en zijn ideeën (zoals antizionisme, antipopulisme, klimaatalarmisme), en dus zijn de waarnemingen in de ’narratives’ altijd geselecteerd op het versterken van politiek-correcte en cultuur-relativerende wereldbeelden.

Toen de politie tijdens een concert van Guus Meeuwis in het PSV-stadion in Eindhoven een man opmerkte die zich verdacht gedroeg, meldden de politie en de NOS dat het om een ’geradicaliseerde Amsterdammer’ ging.

’Geradicaliseerde Amsterdammer’, wat is dat voor een type Amsterdammer? Een radicale Hazes-fan die de zachte-G muziek van Guus Meeuwis haat? Een Arena-fan die het PSV-stadion verafschuwt?

We weten om wie het gaat als we horen dat een ’geradicaliseerde Amsterdammer’ video-opnamen maakt van het PSV-stadion: het is een moslim die gelooft dat geweld geoorloofd is om de islam over de aarde te laten heersen. Dus: voor wie houden de redacteuren van dergelijke berichten die woorden eigenlijk achter? Zij doen dat omdat zij de gedachte in leven willen houden dat de islamitische overtuiging van de daders van geen belang is. Waardoor het bericht over een gevaarlijke geradicaliseerde Amsterdammer voor wie alle beschikbare politie-eenheden naar Eindhoven gedirigeerd worden, zo bespottelijk klinkt.

Die ’geradicaliseerde Amsterdammer’ is geradicaliseerd door onthoofdingsvideo’s en islamteksten die oproepen tot oorlog tegen de ongelovigen, niet door het zingen van Aan de Amsterdamse grachten. Maar: politieberichten noch media willen hem als moslim omschrijven. Dit is doelbewuste politiek, overal in het Westen.

De politiewoordvoerders van Amsterdam, zonder twijfel in overleg met de ’driehoek’, deden er alles aan om de ’narrative’ over de aanrijding voor het Centraal Station van afgelopen zaterdag te beheersen. Er was sprake van een ’onwelwording’, meldde de politie meteen na het incident teneinde het gevaar van geruchten over een aanslag te voorkomen. De man was diabetespatiënt en kon zich niets maar dan ook niets herinneren.

In het meest recente persbericht meldt de politie dat de bestuurder veel te hard door delen van de binnenstad heeft gereden, uitmondend in acht gewonden, van wie twee ernstig. De politie beweert dat dat komt doordat deze suikerpatiënt een langdurige ’black-out’ had door een lage bloedsuikerspiegel, ook al wist men niet precies hoe dat werkte, dat langdurige te hard rijden met een black-out. De vele ooggetuigenverslagen op AT5 suggereerden iets totaal anders: dat de man met opzet mensen had aangereden.

Ik heb politiewoordvoerder Rob van der Veen gevraagd of de bestuurder, wiens naam niet wordt vrijgegeven, aan ramadan deed. Zijn antwoord: ’Wij melden de etniciteit niet’. Maar ramadan kan door een hoogblonde Zweed of een zwarte Afrikaan gevolgd worden, etniciteit speelt geen rol. Ik legde hem uit dat zijn antwoord onzin was, en vervolgens draaide hij zich langzaam uit onze sms-wisseling (ik sprak hem later per telefoon, en dat was hartelijk, maar bood niets nieuws).

En camerabeelden? Het Stationsplein hangt er toch vol mee? Nee, er zijn geen camerabeelden, want die stonden – op zaterdagavond op het drukke en altijd gespannen plein voor het CS – in ’preset modus’. Ik vroeg Van der Veen wat dat was: ’Preset is in een van tevoren bepaalde richting’. Dus al die camera’s keken niet op het plein neer? Van der Veen: ’In ieder geval niet op dat stukje waar de feitelijke aanrijding gebeurde’. Op de vraag of er beelden waren van het gesprek tussen politie en bestuurder, reageerde hij niet.

Het kan zijn dat de bestuurder een boeddhist was met een hypo (een zeer lage bloedsuikerspiegel), maar de politie durfde/mocht niet zeggen of de man een vastende en suikerzieke moslim is, en dat maakt onrustig. Deze ’narrative’ van een diabeticus zonder geheugen of religie is beter dan enige andere, hoor je de autoriteiten denken. Ik vroeg mijn internist naar de gevolgen van vasten: ’Diepe hypo maakt je raar, agressief en verward. Ik vertel alle moslims met diabetes dat ze niet hoeven vasten met ramadan, doen ze vrijwel allemaal toch.’ De column van gisteren van Annemarie van Gaal ging over deze problematiek: leidt langdurig vasten tot agressie, ook bij niet-diabetici? En tot ernstige auto-ongelukken? Misschien heeft de ramadan als maand van oorlog zich juist ontwikkeld door het effect van agressie door het vasten?

Het beheersen van de ’narrative’, daar gaat het om. Begrijpt u?

Bron: http://www.telegraaf.nl