Censuur gevaarlijker dan nepnieuws

nausicaamarbe
Nausicaa Marbe
Foto: De Telegraaf

Wie prijkt daar pontificaal op de site van NOS op 3? Treitervlogger Ismail Ilgun. Kennelijk dicteert het decembergevoel van de publieke omroep dat deze kansparel eventjes het boegbeeld van de omroep mag worden. Omdat hij door crimineel gedrag in het nieuws was, besloot de zender hem in een filmpje mak en gezellig te tonen.

De kijker wordt getrakteerd op de hypocriete zelfverheerlijking van een stuk tuig dat achter de tralies had moeten zitten. Nu wordt hij vooral vanwege zijn afkomst gedienstig bejegend door de staatsomroep. Blank schorem dat een molotovcocktail naar een azc gooit zou dezelfde omroep (goddank!) niet moreel witwassen in een feestdagenportret. Maar het aanvallen en bedreigen van een raadslid vormt kennelijk geen beletsel om allochtoon gajes een ereplek te bieden. De boodschap: dit is een lieve jongen, slachtoffer van úw buitenlanderhaat. Hij is de toekomst van Nederland, wen er maar aan.

Is dit nepnieuws? Niet in de strikte zin van het woord. Maar het is een leugen van jewelste over een miserabele etter, nu gepresenteerd als deugende artiest in wording. Een valse klap in het gezicht van alle mensen die hun kinderen netjes opvoeden. En een provocatieve minachting van iedereen die terecht genoeg heeft van een mediacultuur die zulke sensatiezwendel koestert.

Dit was maar één voorbeeld van indoctrinatielust via de publieke omroep, waar de overheid zich geen zorgen over maakt. Men is wel bang voor nepnieuws. De politieke paniek erover is zó groot, dat sommige regeringen nepnieuws strafbaar stellen. Overheden zijn bang voor de door nepnieuws opgezweepte kiezer. Maar wat is nepnieuws precies?

Het echte nepnieuws (oh ironie) verwijst naar verzonnen berichten op sites die er advertentiegeld mee verdienen. Daar is nepnieuws aanlokkelijk gebrachte flauwekul. Maar het kan ook politiek getint zijn en op desinformatie gericht. Kwakzalvernieuws is overigens ook nepnieuws.

Daarnaast is er ook nieuws dat als nepnieuws gezien wordt. Omdat het eenzijdig, bevooroordeeld, propagandistisch gebracht wordt en soms zelfs gecensureerd (herinnert u zich hoe de NOS een hakenkruis uit een pro-Gaza demonstratie in 2014 wegknipte en dat toegaf? Censuur leeft.) Ook dat nepnieuws is van alle tijden, ook in Nederland, waar een decennialange politiek correcte beneveling ervoor zorgde dat overheid en media feiten verzwegen of verdraaiden. Je zou een ideologische of propagandistische vervorming van de werkelijkheid ook nepnieuws kunnen noemen. Of in ieder geval: een opmaat tot nepnieuws. Want een publiek dat door betrouwbaar geachte media te vaak, te lang versimpelde of gekleurde berichten voorgeschoteld krijgt, verliest zijn vertrouwen in feiten, deugdelijke interpretaties, in nuance en verdieping. Ook als serieuze kranten en omroepen op jacht naar lezers en kijkcijfers steeds meer sensatie en provocatie brengen, wordt het publiek opgevoed als consument van bagger. De tafel van Pauw is daar een voorbeeld van, daar kan de kwakzalver zijn leugen over vaccinaties kwijt en krijgt de extremist van de dag gegarandeerd een plek. Waarheidsvinding is er tijdens het interview minder belangrijk dan het opzwepen van gevoelens. Deze minachting van het verstand leidt op den duur bij sommigen tot de uitschakeling ervan. Alle houvast is zoek, alle idiotie wordt geslikt.

Toch is er een cruciaal verschil tussen propaganda en het echte nepnieuws. Bij de eerste categorie zijn de feiten nog te achterhalen, daar wordt een controleerbare werkelijkheid ontkend of verdraaid, daar wordt het collectieve geheugen een loer gedraaid. Het echte nepnieuws brengt louter verse leugens: Melania Trump gaat scheiden, Israël wil Pakistan nucleair vernietigen, Hillary Clinton leidt een pedofielennetwerk vanuit een pizzeria, Donald Trump zegt dat de Republikeinse kiezer dom is. Sommige voorbeelden laten zien dat nepnieuws niet makkelijk van geloofwaardig nieuws te onderscheiden is.

Is nepnieuws echt zo gevaarlijk als paniekerige overheden ons willen doen geloven? Wel als een Pakistaanse minister Israël bijna de oorlog verklaart vanwege een nepbericht of als iemand echt op een restaurant schiet als aanval op Clintons verzonnen pedofielennetwerk. Maar de nepnieuwscatastrofes zijn dun gezaaid: als je de berichten daarover leest, duiken daarin steeds dezelfde voorbeelden op. Onduidelijk is ook tot welke rampen nepnieuws bijvoorbeeld in Nederland heeft geleid.

Nepnieuws kan ook gebruikt worden als afleiding van echte problemen. De politieke angst dat nepnieuws toekomstige verkiezingsuitslagen zal bepalen leidt af van factoren die wel het stemmingsgedrag beïnvloeden, zoals ondeugdelijk beleid, politieke fouten, politici en bestuurders die het contact met de samenleving verwaarlozen. Nepnieuws wordt dan al te makkelijk als excuus gebruikt door hen die beroerd in de peilingen staan en dat aan de ’domme’ keuze van kiezers wijten.

Dit gretige vastklampen aan nepnieuws als ultieme boosdoener is een brevet van onvermogen. Het laatste dat mensen weer vertrouwen in politiek en media kan geven, is hysterisch complotdenken over nepnieuws. Er wordt nu veel gedaan aan het bestrijden van nepnieuwssites, maar het bestrijden van gekleurd nieuws bij de gevestigde media is belangrijker. Instituten die moreel gezag claimen en halve waarheden verkopen of gaan censureren, maken meer kapot dan een koldersite.

Bron: http://www.telegraaf.nl